Op woensdagavonden is het nog gezelliger en drukker op de
Arm Dale Yacht Club, het is de wekelijkse clubregatta. We zijn nog net op tijd
om de start te kunnen meemaken, deze wordt verzorgd door het personeel van de
club, wat een luxe! Onze boot lag net boven de boventon en vanuit de kuip
hebben we met een biertje de maneouvres mooi kunnen gade slaan. Toen iedereen
gefinisht was toch maar weer ons laten verleiden een biertje in de club te doen
en ook nu weer werden we aan andere nieuwe leden voor gesteld als het zeilkopel
uit Nederland.

De volgende dag na ons ontbijtje de stad in voor wat
cultuur. De opa van Mo is eind jaren 40 naar Canada vertrokken dus willen we
gaan kijken in het museum Pier 21` waar alle immigranten per boot binnen
kwamen, of we de roots kunnen terug zien. Op onze bikes fietsen we door de
“voorstad” van Halifax, langs de Universiteit zo richting de haven. Alles ziet
er hier dorps uit, geen hoogbouw en iedereen heeft een vrijstaande woning met
een leuke tuin er om heen. Bij binnekomst van Pier 21 worden we vriendelijk
welkom geheten door een medewerker van het museum, op onze vraag over details
van immigranten stelt hij ons iet wat teleur. De gegevens van immigranten van na
de 2e wereldoorlog zijn niet openbaar ivm privacy redenen, dus
kunnen we niets direct te weten komen over Mo’s Opa. Het museum staat nog
precies op de plek waar destijds alle miljoenen nieuwe Canadeesen zijn binnen
gekomen en kent nog exact de opzet/inrichting van toen. Er staat een wat oudere
man met tranen in zijn ogen bij het raam, omarmd door zijn dochter en vrouw.
Hij zal ook bijzondere herinneringen aan dit gebouw hebben gehad. Later
vernemen we van de Pa van Mo dat zijn vader in 1948 via New York naar Canada is
gereist. Toen we op Ellis Island, bij New York waren, hadden we ons dit niet
gerealiseerd en om die reden ook geen navraag daar gedaan over de binnenkomst
van de familie Van der Schoot.

Buiten bij onze fietsen treffen we een dame uit Toronto, ze
vraagt of we uit Nederland komen, tja klaarblijkelijk zien we er toch echt zo
uit en dat zonder onze oranje shirts en klompen J.
Ze vindt het geweldig dat wij fietsen, haar man had ook samen met een vriend in
NL een fietsvakantie gehouden. We lunchen bij het restaurant de Fietsendief aan
de kade, een leuk en lekker Italiaans getinte tent. Daarna willen we op de
terugweg, en vanuit de haven moet je altijd omhoog, en behoorlijk ook, de
Citadel bezoeken. Hier krijgen we een rondleiding van een in een schotse kilt
gekleede “ militair” die ons de historie en belangrijkheid van deze veste
vertelt. De engelsen waren doodsbenauwd dat ze dit stukje nieuw land niet voor
zich zelf konden houden waardoor ze het zwaar beveiligd hebben tegen mogelijke
invaties, oa van de Fransen. Aansluitend is het weer down hill naar de Yacht
Club.

De vrijdag wordt gebruikt voor de houdbare overtochtboodschappen.
Mark is zo aardig ons op te pikken bij de supermarkt zodat we niet alles met de
fiets hoeven te verslepen. En passant vraagt hij of we zin hebben met hem en
Rob te gaan lunchen in hun favoriete vrijdagmiddaglunchtentje. Uiteraard slaan
we dat niet af, met 2 echte Halifaxers naar een van de oudste tavernes in
Halifax. Bij binnenkomst wordt bevestigd dat beide heren hier vaker komen want
in een mum van tijd staat de tafel vol met bier en kort daarop ook met het
vrijdaggerecht, een typische “gaarkeuken”
maaltijd met ham, aardappelen, koolderaap, wortel en ui. Het smaakt
prima en de biertjes wederom ook. Eind van die middag vaart de Ruffian, met
Iain en Fiona, een leuk stel uit de UK, binnen en ankert naast ons in de kom.
We worden al snel voor de volgende dag uitgenodigd voor een borrel. Terwijl we
daarvan genieten komt de Il Sognio, Greg en Karen, bekenden van hen uit de
States binnen varen en Iain haalt ze op om gezellig erbij te komen. De Ruffian
heeft een fog magnet aan boord, sinds zij in Canada zijn hebben ze enkel mist,
mist en nog eens mist. We delen hen onze ervaring wat het tegendeel is en aan
hun reacties zien we dat ze graag in onze omgeving willen zeilen om vrij te
blijven van mist. Wat later ook het geval blijkt te zijn tijdens onze
overtocht, zo goed als mistvrij!

Il Sognio nodigt vervolgens ons weer uit voor een hapje,
niets aparts wordt gezegd, Greg maakt enkel wat steaks klaar. Met lege handen
willen we niet aankomen en Mo duikt de middag voor het diner de kombuis in voor
haar famouse mango crumble, als toetje. Greg is een oude CNN cameraman en later
ook programma maker en heeft het nodige buiten de States van dichtbij meemogen
maken, erg indrukwekkend. Zij gaan de volgende dag weer verder richting Cape
Breton, iets wat ook wij als tip hadden gekregen te bezoeken echter gezien onze
schema iets voor de volgende reis. Een ding nog over dit diner en Greg’s
specialiteit. Hij was serieus aan de gang gegaan en heeft ons de lekkerste
steaks van onze reis voorgeschoteld, op zijn Amerikaans, super lekker!

We schrijven ondertussen dinsdag 22 juli, de dag voor ons
vertrek. Edo heeft groenlicht gegeven dus de laatste zaken worden afgerond. De
helmen gaan retour Halifax Cycles en de laatste vers boodschappen worden gedaan
ook wordt voor de zekerheid nog wat extra warmtespul gekocht voor de nachtwacht
op zee. Ook wordt een laatste borrel aan boord gegeven voor Mark en de crew van
Ruffian. Aansluitend gaat het anker op om de laatste nacht aan het fuelpontoon
door te brengen waar we onze bijboot kunnen opruimen en de tanks volgooien met
diesel en vers water. Die avond spreken we Iain nog even en hij geeft aan dat
zij het komend weekend op pad gaan omdat er dan in hun ogen een goed vertrek
moment is voor de oversteek. Deze laatste info wordt per mail met Edo gedeeld.
Als we die woensdagochtend net op weg zijn krijgen we een belletje van Edo. Het
ziet er idd beter uit het weekend te vertrekken, dus na een klein halfuurtje
motoren maken we rechtsomkeer naar de Armdale Yacht Club waar we met open armen
worden verwelkomt door de crew van Ruffian. Iain en Fiona hebben onze zien
terug komen en vragen of we zin in een wandeling hebben en dat hebben we zeker,
even onze zinnen verzetten om de eerste vertrekpoging een plekje te gegeven. We
varen op ieders eigen kiel naar het eiland Mc Nab, net buiten Halifax. Een
grappig eilandje waar vroeger 2 vestingwerken waren met dikke kanonnen. Het is
nog steeds prachtig zonnig weer en we maken een stevige wandeling. Onderweg
komen we nog een oudere dame tegen die het geweldig vindt om op haar eiland waar ze wekelijks haar
rondje wandelt, een Engels en Nederlands koppel te mogen tegenkomen. Ze is
super enthousiast en vertelt honderd uit over haar eiland en haar leven in
Halifax. Terug bij de boot nodigen we Iain en Fiona uit om ons te komen helpen
met het op maken van onze verse voorraad, een uitgebreide salade helpt daar
aardig bij. Elk nadeel heeft ook zijn voordeel, nu we er nog op woensdagavond
zijn kunnen we opstappen bij een van de wedstrijdboten, en ja, we sluiten weer
af met een erg gezellige avond met de nodige biertjes.

Nu we niet vertrokken zijn hebben we ons voorgenomen het
even rustig aan te doen, we merkten allebei dat de dagen voor ons 1e
vertrek hectisch waren en we eigenlijk niet uitgerust op pad gingen, dat ging
ons niet nog een keer gebeuren spraken we af. Dus donderdag slapen we eerst
lekker uit en doen we verder niets bijzonders. Vrijdag willen we nog graag het
maritiem museum bezoeken, waar onder andere nog orginele stukken van het
interieur van de Titanic te zien zijn. De fietsen laten we onderdeks en we gaan
lekker met de bus. Na het museum pakken we nog een paar biertjes in een leuke
Ierse pub, ook een aanrader van een van de leden op de club. Nu vinden we
allebei dat we Halifax met een gerust hart kunnen achter laten en morgen
definitief het ruime sop mogen kiezen. Die avond melden Iain en Fiona dat ze
van hun plan om mee over te steken zijn terug gekomen, gezien het ijsgebied en de
in hun ogen te verwachten mist (zij hebben geen radar) gaat hun boeg terug richting
de US, Maine. Die zaterdag, 26 juli, gaan we na eerst lekker te hebben
uitgeslapen in het begin van de middag rustig op pad, de oversteek terug is
begonnen!