Op donderdag konden
we vanuit Southport niet heel vroeg op pad in verband met de stroming, hier bij
de inlets gutst het soms behoorlijk en die wil je niet tegen hebben. Dus eerst
nog even de boot vol gooien met diesel en water, dan kunnen we er weer even tegenaan.
Tegen 11.30 gingen we op pad de ICW op, langs dit water staan prachtige huizen
en elk huis heeft zijn eigen steiger naar het huis. Erg indrukwekkend! Verder
komen hier heel veel toeristen, voor het water en het strand. Het is een leuk
stuk om te varen, soms ook nog stukken rustige natuur, je waant je dan in de
Drunense Duinen met stuifzand duinen en naaldbomen. Eind van de middag komen we
aan in Wrightsville Beach. Dit is een toeristisch stadje wat niet echt knus te
noemen is. We hebben voor deze plek gekozen omdat we dan de volgende morgen
vroeg heel gemakkelijk de zee op kunnen voor een lange dag op zee.

Bij zonsopgang zijn
we vertrokken, helaas geen wind dus op de motor. We hebben tijdens onze reis
nog niet zoveel diesel verbruikt als tijdens dit stuk hier in de USA. Normaal
gesproken, zou je niet verder gaan, maar ja we hebben een missie…. Na de
lunch kan de spi erop en kunnen we alsnog zeilen, de wind begint rustig en
bouwt zich behoorlijk op. Het laatste stuk vliegen we (7-8 kts) naar Beaufort.
Als we de geul naar binnengaan ligt er midden in de geul een groot baggerschip.
We weten eigenlijk niet hoe we deze moeten passeren, dus we roepen deze boot op
en krijgen instructies zover mogelijk westelijk te blijven, maar ja en de
diepte dan… Alles gaat goed. Als we later op het anker liggen horen we
hoeveel oproepen ze hierover krijgen…. We liggen vlak voor het stadje
Beaufort (NC) en aan de andere kant een natuurgebied. Ziet er gezellig uit. Op
zaterdag gaan we boodschappen doen, het is een eindje lopen. Bij de visboer
vragen we nog even waar we naar toe moeten. Ze hebben hier mooie vis, dus we
laten weten dat we op de terugweg nog even langskomen om nog wat inkopen bij
hen te doen. Het is weer echt een feest om hier (lees USA) boodschappen te doen,
ze hebben alles waar je zin in hebt en zoveel keus.

‘s Middags gaan we
nog even naar het natuurgebied, waar ook wilde paarden lopen. Het is een eiland
waar wij dus aan de ene kant voor anker liggen en aan de andere kant kun je de
oceaan zien. Het is een heel divers gebied, met zeekraal, struiken, bomen en
zand. Kortom een leuke wandeling waar wij ook de wilde paarden zien. Echt mooi
om te zien. Als we terug naar de bijboot lopen, wordt het hoogwater en moeten
we ons een beetje langs de struiken en bomen teruglopen om niet door het water
te hoeven waden. Let wel, de 30 graden watertemp die we gewend waren is terug
gelopen tot een goeie 20. Even er in plonsen voor wat verkoeling en een snelle
wasbeurt wordt met de dag minder.

Op zondagochtend
inmiddels 11 mei skypen we natuurlijk eerst even met thuis om een fijne Moederdag
te wensen en gaan dan op pad. We moeten weer de hele dag op de motor over de
ICW, na de eerste brug, zien we al een boot vastliggen. Een catamaran probeert
deze boot te helpen, dus wij kunnen niets doen, we steken te diep. We zijn wel
extra op onze hoede want het is hier overal zeer ondiep en buiten de geul lig
je ook gelijk vast. De Towboat US verzekering is niet voor niets. Gelukkig
vergaat het ons goed en komen we in het hoofdkanaal van de ICW en daar is het
toch net iets dieper waardoor we aan onze lange tocht kunnen beginnen. In het
begin is het allemaal erg mooi, maar op een gegeven ogenblik wordt het wel erg
saai. We vinden een rustige inham waar we rustig kunnen liggen voor de nacht en
een korte dip voor wat verfrissing. Ook kort ivm evt alligators die hier kunnen
voorkomen. Wel is het water in de ICW, verder bij de oceaan weg weer warmer.

Maandag weer een
zelfde soort tocht maar nu over de Alligator river, we zijn naarstig op zoek naar
deze beesten. We zien wel,een wasbeertje, kalkoen en schildpadden maar helaas
geen alligator. We hebben besloten om nog even een brug te passeren, want we
weten niet hoe vaak deze draait, maar als we aankomen, opent deze speciaal voor
ons. Wat een service!! Tegen 18.30 uur is het echt tijd om een ankerplaats op
te zoeken. We zien nog 1 andere boot liggen, dus dat is fijn. Toevallig een
boot die we ook in de Bahama’s hebben gezien, we herkennen deze boot vanwege de
bijzondere naam “Extasea”…. We vonden het een bijzondere naam voor
een boot, maar nu roepen we ze nog even op en krijgen nog wat tips over de dag
van morgen. Nog even eten en op tijd naar bed, want ook de volgende dag weer en
lange dag varen voor de boeg.

We vertrekken weer op
tijd, onze buurtjes zijn dan al op pad…. We besluiten niet om via de Dismal
swamp te gaan, want dan hebben we wel heel veel kans om vast te lopen, dus we
nemen de standaard route. We moeten een heel groot meer oversteken en dan gaan
weer een kanaal in. Niet een hele bijzondere tocht we varen weer de hele dag.
Rond de middag even tanken bij de vele marina’s waar je langs komt en ff via
hun wifi de mail checken. Eind van de middag komen we op onze ankerplek aan,
die helaas ondieper is dan aangegeven in de gids en op onze kaart, dan maar op
het randje van de geul en de ankerbol en lamp aan. Gelukkig is het erg rustig
op de ICW. De volgende dag weer op tijd op pad, einddoel het einde van de ICW,
Norfolk. We komen weer bruggen tegen die open moeten, iets wat je hier zelden
ziet omdat men de meeste bruggen ruim 20m hoog maakt. Bij de laatste brug ligt
ook een sluis met daarin een duwbakcombinatie. De schipper komt vrolijk uit
zijn stuurhut en vraagt of we een lekkere nachtrust gehad hebben, hij had ons
die ochtend vroeg op onze bijzondere ankerplek gepasseerd. Het sluispersoneel
komt persoonlijk je lijnen aannemen en niemand hoeft stootwillen te gebruiken
want de wand van de sluis is bekleed met rubberen stootstrips. Lekker handig. De
duwbak vaart rustig achter ons aan en zorgt er voor dat alle bruggen netjes op
tijd open gaan. We zijn, met wat stroom op de kont, dan ook in een mum de
Elisabeth River af. Bij het passeren van Portsmouth zien we een zeilboot in een
klein haventje aan de stadsrand liggen. Dit blijkt een gratis haventje te zijn
voor max 6 – 8 boten waar je 36 uur mag liggen en dat midden in het centrum van
Portsmouth ligt, Highstreet. Het is een mooi beschut kommetje tegen
binnenlopende golven, kortom dit wordt onze voorlopige plek. De volgende dag
gaan de fietsen er uit en kunnen we weer naar een supermarkt (deze liggen
altijd buiten het centrum) om de koelkast weer te bevoorraden. Ook kent
Portsmouth nog een mooie authentieke service bioscoop nog helemaal in tact
zoals die in 1947 gebouwd is, een juweeltje. Hier hebben we die avond maar een
filmpje (Captain America) gepakt en en passant wat gegeten. De avond er na kwam
er een nieuwe film (One million dollar arm) op de rol, die hebben we ook maar
bezocht. Zaterdagmiddag was het weer tijd om verder te gaan, met de stroom
verder de Elisabeth rivier af naar Hampton. De haven van Norfolk is niet zo
bijzonder op één ding na, het laatste deel ligt vol met marine materiaal,
netjes achter drijvende hekken en met security boten er om heen. Niet alleen fregatten
maar ook de nodige vliegdekschepen en dat zo ver je kon kijken, echt giga. Wat
zou het marine budget in de VS zijn? Arme Obama.

Bij Hampton vinden we
op aanraden, en die krijg je genoeg als je met de Amerikaanse boaties babbelt,
een rustige ankerplek net voorbij Fort Monroe (u weet wel van de schokdempers
en Marilyn). De volgende ochtend willen we graag een eind de Chesapeak baai op
komen om mijlen richting New York te maken. De eerste uren gaan lekker, weliswaar
op motor want veel wind staat er niet echter rond 10en komt er uit het niets
een 20-25 kts wind uit het noorden zetten, precies waar wij heen moeten en we
waren gewaarschuwd voor de wind-over-stroom op de Chesapeak dus links af een
baaitje in voor beschutting. Die dag helaas maar 23 mijltjes gedaan. De
volgende dag maar weer vroeg uit de veren en een nieuwe poging. Gelukkig geen
wind van betekenis en helemaal niet uit het noorden dus kunnen we lekker
opschieten, wel weer diesel verstokenend, die hier gelukkig betaalbaar is, $4
voor een gallon. De stop ligt 63 mijltjes noordelijk, achter een eilandje bij
Norman Cave. Tja, hier stikt het van leuke eilandjes en baaitjes om je anker
uit te gooien waar je zeker deze tijd van het seizoen lekker de enige bent, op
af en toe een passerende visser na. De dinsdag halen we het net niet tot
Annapolis en duiken we een 12 mijltjes er voor weer een baaitje in, Rhode
River, hier zijn we met zijn tweeën, een Amerikaans zeiljacht is ons voor. We
groeten elkaar vriendelijk en pakken een ankerbiertje en -wijntje. Weer een
heerlijk rustige nacht met ‘s ochtend wat vogeltjes die melden dat de zon er
weer is. Tja, het is dat we verder moeten maar anders zou de Chesapeak een
heerlijke omgeving zijn voor een mooi voorjaarsverblijf.

Woensdagochtend
uitgeslapen en rustig naar Annapolis, om de hoek, getuft. Echter hoe dichter we
Annapolis naderen hoe drukker het met bootjes wordt, de laatste mijlen voor de
haven liggen ze zelfs op het anker in de vaargeul, dus maar even een boot
aangeroepen wat er te gebeuren staat. Het antwoord: een demonstratie van de Blue
Angels ter eren van de graduates van de Naval Academy uit Apolis, kortom vanaf
2 uur groot spektakel en feest in de stad. De Amideau gaat snel aan een mooring
en wij met de dinghy terug naar de plek waar het gaat gebeuren, en hoe. Eerst
komt Fat Albert, een Hercules transportvliegtuig, voor de warming up, sharp 2 uur
overzetten en zorgt voor de eerste capriolen. Daarna verschijnen aan de horizon
6 F18’s Hornets, in het blauw met gele NAVAL logo’s op de vleugels. De
oordoppen kunnen in want deze gasten laten duidelijk van zich zien maar ook
horen. En klein uurtje later zit onze camera vol en tuffen we terug naar onze
mooringplek. Wel worden we kort door een politie-te-water aangesproken waarom
onze dinghy geen registratie heeft. We leggen de dienstdoende kort uit dat we
uit NL komen en daar voor kleine dinghies zoiets niet nodig hebben. Hij vindt
het fantastisch dat wij van zo ver gekomen zijn en mogen verder varen. Twee
moorings verder ligt een bekende, de Calyx, Denis en Carol uit New Jersey. We
gaan kort langs om ze te begroeten en worden direct uitgenodigd voor een
babbeltje later die middag want ze willen dolgraag ons verhaal horen en wij
kunnen nog wat tips gebruiken voor onze tocht naar New York, langs New Jersey.
Denis is een oude marine piloot die ons meeneemt in zijn goede oude tijd toen
hij voor een NATO commandant in Brussel zijn tijd moest verdoen en en passant
ook de zuidelijke Nederlanden bezocht heeft. Hij heeft de nodige nuttige anker
tips voor onze trip en dankbaar worden die in ontvangst genomen. Zij vertrekken
de volgende dag al, wij gaan dan met de bus naar Washington DC.

Vrijdag, 23 mei, is
het vroeg op om de bus (6.45) naar DC te pakken. Voor $4,25 pp worden we naar
het Capitool gebracht met een leuke tocht van ruim een uur er heen, zien we
tenminste ook nog wat van het binnenland. We komen wat vroeg aan maar de eerste
staan al in de rij voor de poort van het Capitool, dus wij er ook maar in. Om 9
uur mogen we naar binnen, echter niet voordat we worden gescand alsof we een
vliegtuig in gaan. Eenmaal binnen is het mooi, mooier, mooist. Wat een prachtig
gebouw. Eerst krijgen we een sticker voor op ons shirt en daarna een film ter
inleiding, vervolgens leidt een gids ons rond in dit imposante gebouw en dat
alles op kosten van Obama. We hadden nog een tip gekregen en dat was om
aansluitend de Liberary aan de overkant te bezoeken. Wederom een prachtig
gebouw met een leuk expositie over de overzeese activiteiten in de Amerikas
waar ook nog een paar oude, uit die tijd, boeken in het oud Nederlands lagen. Kortom,
wij waren er echt bij in die tijd en hebben het nodige vast gelegd. Hierna is
het tijd voor een wandeling richting het Witte Huis, onderweg ff geluncht en
geskypet met Marianne en Peter. Mijn zus en Juliëtte, net klaar met haar
examens voor haar HAVO, komen naar NY, echt gaaf! Al wandelend naar het stulpje
van de familie Obama kom je langs een behoorlijk aantal musea, de ene nog
groter en imposanter dan de andere. Bij het Witte Huis is het lekker druk, wel
word je op een behoorlijke afstand gehouden echter al snel bleek deze niet
voldoende en worden we door politie op fietsen gemaand weg te gaan, er is
duidelijk iets gebeurd of staat te gebeuren. De dag er na lezen we op NU.nl dat
een naakte man een afspraak met Obama scheen te hebben echter dat die toch de
toegang hardhandig is ontzegd.

De dagen er na
genieten we van het Graduate-feest en Memorial-weekend sfeer in Apolis, echt
tof en super gezellig. Zaterdag gaan we voor een biertje naar een hippe tent
aan de stadshaven, Pussers. Daar komen we Amy en Jason tegen, die voor een
gezellige avond naar Apolis gekomen zijn. We raken leuk aan de praat en worden
uitgenodigd mee eten te gaan, de avond wordt nog afgesloten in een leuk lokaal
kroegje voordat zij weer huiswaarts rijden en wij de dinghy op zoeken. Wat me
op is gevallen is dat naast de gebruikelijk bulkbieren zoals Budd en Millers er
prima lokale Ales en Wheat beers geproduceerd worden, heerlijk van smaak en
allemaal op tap verkrijgbaar, ik was als “oud” brouwmeester blij
verrast met deze Amerikaanse kwalitatieve gerstennatten die je helaas niet in
ons kikkerlandje tegen komt. Echt een gemis mag ik stellen.

Zondag bij het
krieken van de dag wordt de mooring los gegooid en gaan we op de diesel verder
noordwaarts, nog een goede 200 mijl naar de Big Apple. De Chesapeak wordt langzaam
smaller en de eerste campings aan het water worden gespot, ook het motorboot
gehalte is hier erg hoog, maar ja, wij zijn ook al bijna vanaf het begin van de
Chesapeak een motorboot, dus dat zal niet voor niets zijn. Eind van de middag
draaien we het Delaware Rivier op en gooien het anker uit op de plek waar Denis
ons naar toe gestuurd heeft, deze keer zijn we met 4 boten. Vanaf hier kunnen
we met één dag varen en stroom mee de oceaan bereiken om linksaf naar NY te
varen. Zo gezegd gaan we de volgende dag 2 uur voor hoogwater op pad, echter na
een klein half uurtje horen we een korte sirene achter ons en worden we via de
marifoon vriendelijk gevraagd snelheid te minderen want de Custom en Border
Protection (C&BP) wil graag onze papieren zien. Gelukkig is alles in orde
en mogen we snel onze reis vervolgen. Wel worden we nogmaals verteld dat we ons
echt elke keer bij het verlaten van een C&BP gebied te melden bij het
nieuwe C&BP station om geen boete van $5000 te riskeren. Tja, 9-11 heeft
toch wat te weeg gebracht. Eind van de middag wordt Cap May gerond en wordt de
koers noord gezet om de nacht door te zeilen zodat we voor de weersverandering,
er komt koude noorden wind aan, bij de aanloop van de Hudson te kunnen zijn.
Gelukkig is op zee de voorspelling wel uitgekomen en kan de motor uit en de
zeilen gehesen worden. Wing to wing (melkmeisje) zeilen we op een rustig zeetje
de Hudson tegemoet. Atlantic City wordt ‘s nachts gepasseerd, een niet te
missen stad met behoorlijk veel neon op alle casino’s en ander gokhuizen. Er
staat geen maan maar de zee rondom ons is prima verlicht. Kort voor Sandy Hook,
laatste puntje van New Jersey horen we zwaar uitademen, whale time. Op een
meter of 50 zwemmen een paar bultruggen, hun rug en staart is een aantal keer
zichtbaar. We hadden ze niet zo dicht onder de kust (nog geen 3 mijl) en op
zulk ondiep water (nog geen 20 meter) verwacht maar het blijven imposante
zoogdieren. Rond 3-en ronden we Sandy Hook en is de skyline van Manhattan
zichtbaar geworden, we zijn beide erg onder de indruk, we made it (almost) to
New York, met onze eigen Amideau! In Highland ankeren we voor de deur en gaan
een biertje halen en het internet checken. We zijn dicht onder de rook van NY
maar hier kost een biertje nog gewoon 1 dollar met Happy Hour, de laatste keer
dat dit was, was op St Maarten. In de bar treffen we weer leuke Amerikanen die
uiteraard weer graag ons verhaal horen hoe 2 Hollanders met hun eigen bootje,
want 34 foot vinden ze we een beetje klein, het helemaal tot daar gebracht
hebben. De volgende middag steken we de baai over naar een oud stukje Holland,
Great Kills (Groote Kill) op Staten Eiland. Een mooie afgesloten kom is onze
voorlopige ankerplek in afwachting van de komst van Marianne en Juliëtte naar
New York, 2 uurtjes varen hier vandaan. Ook hebben we weer wat tijd voor
onderhoud en komt KP, een oude studiegenoot van mijn MBA in Twente, ons
zaterdag bezoeken vanuit Trenton, PA. Zondag gaan we de Hudson op om op tijd
klaar te liggen voor onze gasten.